Cookie melding

Wij gebruiken cookies om onze website goed te laten werken en uw ervaring te verbeteren.

Cookie instellingen
Functionele cookies

Deze site maakt gebruik van functionele cookies om cookie-instellingen op te slaan.

Additional cookies

Deze cookies helpen ons begrijpen hoe bezoekers onze website gebruiken door anoniem informatie te verzamelen en te rapporteren.

YouTube en Vimeo gebruiken hun eigen cookies. Accepteer om embedded video’s te bekijken.

Het Muziek - Recital (for cathy) - bart grietens-50
08 sep
Recital (for Cathy)
Toelichting

De voorstelling Recital (for Cathy) bestaat uit twee delen. Het titelwerk Recital I (for Cathy) en een nieuwe compositie van Karmit Fadael, genaamd The Usual. Hier lees je de toelichting voor beide stukken, zodat je goed voorbereid de concertzaal ingaat, of naderhand kunt bijlezen over wat je hebt gezien. De toelichting is geschreven door Jacqueline Oskamp.

The Usual

De Nederlands-Israëlische componist Karmit Fadael (1996) presenteert het muziektheatrale werk The Usual, dat zij schreef in opdracht van Het Muziek (voorheen Asko|Schönberg). In dit stuk knoopt ze aan bij de actuele discussie over grensoverschrijdend gedrag, die zich vaak toespitst op seksueel ongewenste intimiteiten. Fadael benadrukt dat grensoverschrijdend gedag ook puur psychologisch van aard kan zijn.

In The Usual legt zij vormen van micro-agressie onder een vergrootglas. Micro-agressies zijn subtiele verbale of non-verbale uitingen die vaak goed bedoeld zijn maar een beledigende of denigrerende subtekst hebben. Bijvoorbeeld: ‘Wat leuk dat ze jou hebben gekozen.’ Of: ‘Doe je dat al lang?’ Volgens Fadael zijn micro-agressies onderdeel van een proces van normalisatie en maken de opmerkingen duidelijk wat normaal wordt geacht én dat de ander niet aan die norm voldoet.
Ook zelf heeft ze ervaring met deze onderhuids kwetsende uitlatingen. ‘Because you tick all the boxes’ kreeg ze wel eens te horen. Fadael: ‘Dat soort opmerkingen zijn bijzonder devaluerend. Het leidt af van het componeren als je het gevoel krijgt dat je je moet bewijzen – omdat je jong bent, omdat je een vrouw bent, of omdat je een niet-Nederlandse naam hebt.’

In The Usual spelen vijf musici deze ongemakkelijke situaties na. Fadael is met haar viool een van hen, maar bespeelt het instrument niet. Hij staat symbool voor ‘de eerste viool’: voor een directeur die ‘doet alsof ze alles weet maar niets uitvoert’. De micro-agressies bestaan uit iemand aanraken, vóór een musicus gaan staan, naar iemand fluiten, aan andermans iPad zitten – al die kleine varianten van opdringerig gedrag.

Het Muziek - Karmit fadael
Karmit Fadael

Ondertussen worden er drie ‘lessen’ gegeven – over de definities van normalisatie, micro-agressie en gender – die Fadael ook muzikaal heeft uitgewerkt. De les over normalisatie komt bijvoorbeeld tot uitdrukking in een steeds terugkerende melodie: eerst speelt de saxofoon hem, dan nemen de andere instrumenten hem over en wordt de muziek geleidelijk polyfoner. Die meerstemmigheid loopt uit op totale chaos totdat iedereen een klokje van dezelfde toonhoogte pakt en stoïcijns dezelfde toon speelt. De norm is bepaald.

De partituur is grotendeels een ‘open score’ waarbij de musici geacht worden te improviseren. Zij heeft daarom gekozen voor musici van Het Muziek die zich ook makkelijk op het terrein van de improvisatie bewegen en is zodoende uitgekomen op een bezetting van klarinet, altsaxofoon, altviool en contrabas.

In de laatste ‘les’ geeft Fadael een knipoog naar Berio door een zinsnede uit zijn tekst te citeren: ‘Everybody is acting in its own style as if no one is alone … as if they were all leading players … maybe they are.’ Deze zin is volgens haar direct van toepassing op The Usual: ‘Door al die sociale veiligheidsregels houden mensen steeds meer afstand van elkaar. Maar ondertussen is er non-verbaal nog steeds veel agressie gaande.’

“Everybody is acting in its own style as if no one is alone … as if they were all leading players … maybe they are.”

– Luciano Berio

Recital (for Cathy)

Dit jaar is het honderd jaar geleden dat de Italiaanse componist Luciano Berio en de Amerikaanse mezzosopraan Cathy Berberian werden geboren – door sommigen het ‘power couple’ van de twintigste-eeuwse muzikale avant-garde genoemd. Cathy Berberian, die niet alleen beschikte over een uitzonderlijk wendbare stem maar zich ook thuis voelde in uiteenlopende muzikale genres als hedendaagse, geïmproviseerde en volksmuziek, was geliefd bij componisten als Igor Stravinsky, John Cage en Hans Werner Henze. Haar echtgenoot Berio schreef eveneens verschillende composities voor haar.

Zijn theatrale eenakter Recital I (for Cathy) uit 1972 voor mezzo en 17 instrumenten is op de eerste plaats een hommage aan haar veelzijdige talent: het stuk bevat 44 citaten, variërend van Bach tot Bernstein, van Mahler tot Milhaud, van Purcell tot Prokofjev, en uiteraard klinken er maten uit het oeuvre van de componist zelf. Deze sterk uiteenlopende flarden muziek zijn onderdeel van een stream of consciousness die bij de zangeres op gang komt als ze het podium betreedt en constateert dat haar pianist het heeft laten afweten. De gesproken monologue intérieur (een tekst van Berio zelf) wordt telkens onderbroken door gezongen frasen.

Het Muziek - Recital (for cathy)
00:00

In een brief aan Berberian dringt Berio erop aan dat zijn tekst niet wordt afgedrukt. ‘De luisteraar moet in de veronderstelling verkeren dat je de tekst ter plekke improviseert. (…) Tenslotte moet het publiek voortdurend naar jou kijken en niet afgeleid worden door het programma om te zien waar je bent.’
Hij beschouwt Recital als een verzameling heterogene elementen die hij behandelt als autonome entiteiten. ‘Meestal zijn ze niet organisch verbonden maar simpelweg tegenover elkaar geplaatst.’ Slechts één onderdeel is een echt concertstuk en wordt ook als zodanig uitgevoerd: Avendo gran disio voor stem en piano op tekst van Jacopo da Lentini, dat Berio in 1948 schreef.
Recital I (for Cathy) is representatief voor de citatenmuziek die Luciano Berio (en met hem vele anderen) in de jaren zeventig maakte, met Sinfonia (1969) voor acht versterkte stemmen en groot orkest als bekendste voorbeeld: een collage waarin muziek, politiek, literatuur en cultuurgeschiedenis met elkaar zijn verknoopt.

Het 35 minuten durende Recital I (for Cathy) heeft ook een intiemere connotatie. Na veertien jaar huwelijk kreeg Berio een verhouding met een ander; in 1964 wilde hij van Berberian scheiden. Deze situatie stortte haar in een diepe crisis, zoals wel bleek uit de brieven die ze stuurde aan haar pianist en vertrouweling Louis Andriessen – die op zijn beurt een eerbetoon aan haar bracht in een door hem getoonzette brief: Letter from Cathy (2003).
Dat de zangeres in Recital I (for Cathy) in de steek is gelaten door haar (podium)partner en geleidelijk steeds meer in de war raakt en zichzelf verliest, kan moeilijk los worden gezien van de pijnlijke breuk met Berio, met wie de professionele relatie overigens wel bestendig bleek.

Related updates

Related
updates